Logo
  • Nieuws
  • 22 juni 2020
  • Jochem Wit senior expert transport en logistiek bij Deerns

Lift- en lobbycapaciteit bepaalt bezetting kantoren: Maatregelen om de capaciteit te vergroten

Dominant voor het bepalen van de liftcapaciteit in een anderhalve meter samenleving is het feit dat er in plaats van 10-15 personen nog maar 2-3 personen in een liftcabine kunnen worden toegelaten. Al gauw bekruipt dan het gevoel dat de vervoerscapaciteit gaat decimeren. Zonder de juiste maatregelen is dat ook zo. Enkele (praktijk)voorbeelden om de capaciteit te vergroten.

Beeld Lift- en lobbycapaciteit bepaalt bezetting kantoren: Maatregelen om de capaciteit te vergroten

Ruimte is in Nederland een schaars goed, zeker in de Randstad. Om te kunnen voldoen aan de toenemende vraag naar kantoor- en woonruimte wordt de laatste jaren weer veel hoogbouw gerealiseerd. Daarnaast heeft in het afgelopen decennium een grote verdichting plaatsgevonden in kantoren als gevolg van de verdergaande doorvoering van het nieuwe werken. Werd in het verleden gerekend met een vloeroppervlak van 15-20 m2 per persoon, tegenwoordig gaat men uit van 8-10 m2 met als gevolg dat elke verdiepingsvloer meer mensen huisvest. Om iedereen zo snel mogelijk op de plek van bestemming te krijgen is liftcapaciteit van cruciaal belang. En juist de liftcapaciteit blijkt in de anderhalve meter samenleving bepalend voor het aantal mensen dat per dag nog veilig op kantoor kan worden toegelaten.

Liftcapaciteit in anderhalve meter samenleving

De benodigde liftcapaciteit in kantoren wordt door middel van liftsimulaties bepaald op basis van het aantal mensen dat tijdens een piek gebruik wil maken van de liften. In het verleden lag dit piekmoment in de ochtend, tegenwoordig zijn flexibele werktijden gemeengoed geworden en is de lunchpiek bepalend. Mensen zoeken elkaar op om gezamenlijk te eten of een wandeling te maken. Dit vraagt heel veel van de liften, omdat zowel voor het opgaande als het neergaande verkeer veel stops gemaakt worden.
Dominant voor het bepalen van de liftcapaciteit in een anderhalve meter samenleving is het feit dat er in plaats van 10-15 personen nog maar 2-3 personen in een liftcabine kunnen worden toegelaten. Al gauw bekruipt dan het gevoel dat de vervoerscapaciteit gaat decimeren. Zonder de juiste maatregelen is dat ook zo. Aan de andere kant wordt de cyclustijd van een lift korter: door het beperkte aantal mensen dat in één lift mag, hoeven er minder tussenstops te worden gemaakt. Zonder al te ingrijpende maatregelen kan meestal nog circa 20-30% van de oorspronkelijke populatie worden vervoerd in een anderhalve meter samenleving. Recente studies hebben geleerd dat daarnaast ook de capaciteit van de lobby’s kritiek kan zijn. Voorkomen moet worden dat zich in of buiten de lobby’s rijen vormen, waardoor de anderhalve meter afstand daar niet meer kan worden gerealiseerd.

Maatregelen om de capaciteit te vergroten

Om de maximale restcapaciteit uit de bestaande liftkernen te halen zijn vaak aanvullende maatregelen nodig, zoals:

  • verplicht gebruik van de trappen voor de onderste 3 -5 verdiepingen en voor tussenverdiepingsverkeer;
  • splitsen van inkomend en uitgaand verkeer over verschillende lagen om tweerichtingsverkeer in de lobby’s te voorkomen en daarmee de lobbycapaciteit beter te benutten;
  • afsluiten of juist maar in één richting openen van trappenhuizen;
  • afsluiten van bestemmingen (concentratie) of het toewijzen van liften aan zones;
  • fysiek markeren van wachtposities met stippen en pijlen op de vloeren.

Aanvullende organisatorische maatregelen

Om in een anderhalve meter werkomgeving nog meer mensen veilig in een kantoorgebouw te laten werken kunnen aanvullende organisatorische maatregelen worden genomen om vervoerspieken in de ochtend en lunch te dempen. Denk aan oplossingen zoals:

  • staffeling van werktijden: personen krijgen tijdslots toegewezen waarin ze toegang krijgen tot het gebouw;
  • lunchen op de werkplek, om de dominante lunchpiek te elimineren of als het inkomende en uitgaande lunchverkeer niet verticaal gescheiden kan worden;
  • vergaderingen zowel op hele als op halve uren plannen om uurpieken te voorkomen;
  • het verdringen van verkeer naar beneden door de bovenste verdiepingen af te sluiten.

Single-tenant versus multi-tenant

De liftcapaciteit is doorgaans kritischer bij single-tenant kantoorgebouwen dan bij multi-tenant kantoorgebouwen. In gebouwen die door één organisatie wordt gebruikt heerst vaak een homogene bedrijfscultuur, met als gevolg een hogere piekbelasting voor de liften omdat men vaak dezelfde begintijden kent en gezamenlijk luncht en vergadert. Dit vraagt om intensievere maatregelen dan in multi-tenant gebouwen. Daarentegen kan het in multi-tenant gebouwen lastiger zijn om collectieve maatregelen af te dwingen en is het verdringen van verkeer van bovenaf niet mogelijk.

Praktijkcases

Een grote organisatie met een hoofdkantoor in Den Haag en twee ministeries klopten bij Deerns aan met de vraag: ervan uitgaande dat er in de anderhalve meter samenleving nog maar 2 of 3 mensen in een lift kunnen, hoeveel mensen kunnen er dan nog in ons gebouw worden toegelaten en hoe lang wordt de wachtrij voor de liften? Wat is er nodig aan organisatorische (verkeersstromen, trapgebruik, piekreductie) en technische (liftbesturing, stops/tableaus afschakelen etc.) maatregelen om veilig van het gebouw en de liften gebruik te kunnen maken?
Na analyse door liftsimulaties is gebleken dat zonder geforceerde werktijdspreiding ongeveer 30-40% van de oorspronkelijke populatie terug kan keren naar deze kantoren, ervan uitgaande dat door natuurlijke spreiding de oorspronkelijke verkeerspieken al zullen reduceren. Door over te gaan op geforceerde werktijdspreiding kan weer circa 40-50% van de oorspronkelijke bezetting worden gehuisvest. Hiervoor moeten in het hoofdkantoor in de bestaande bestemmingsbesturing wel enkele tableaus worden afgeschakeld en moet de lobbycapaciteit op de begane grond worden teruggebracht naar maximaal 12 personen. Een belangrijke voorwaarde voor de heringebruikname van dit gebouw is bovendien dat het tegengesteld gerichte verkeer tijdens de lunchpiek wordt gesplitst: opgaand verkeer vertrekt vanaf de begane grond, neergaand verkeer stapt op de 1e verdieping uit en neemt verder de trap. In de ministeries zal juist de lunchpiek worden geëlimineerd door op de werkplek te lunchen en wordt de hoofdverdieping van enkele liftgroepen naar de 2e verdieping verschoven, om de capaciteit van de lobby (waarin straks nog maar 20 personen passen) beter te benutten. 

Toekomstig gebouwontwerp

Bij het ontwerpen van toekomstige gebouwen kan worden overwogen om in het ontwerp al rekening te houden met het scheiden van stromen mensen. Dit vraagt om bredere lobby’s en het op- en neergaande verkeer moet de mogelijkheid hebben om op verschillende verdiepingen in of uit te stappen. Dit voorkomt wachttijden en congestie van mensen waar dat niet gewenst is. Hierbij valt te denken aan een (rol)trap waarmee het opgaande verkeer naar de 1e verdieping gaat en daar vervolgens de lift neemt naar de gewenste bestemming. Alternatief kan het neergaande verkeer worden gedwongen om op de 1e verdieping al uit te stappen en vanaf daar de trap naar beneden te nemen. Ook kan trapgebruik naar de onderste  verdiepingen worden gestimuleerd. Deze maatregelen vergroten niet alleen de liftcapaciteit, maar zorgen tevens voor meer vitaliteit. Voorwaarde is dan wel dat de trappen uitnodigend zijn en bij voorkeur zijn er brede of separate trappen voor opgaand en neergaand verkeer om gepaste afstand te kunnen bewaren.

Producttips

Volg F-Facts

Word gratis lid en ontvang op dinsdag en donderdag het laatste facility nieuws in uw mailbox! Én als lid krijgt u ook toegang tot exclusieve online artikelen.

Word lid van F-Facts Facility Platform