Logo
  • Opinie
  • 1 oktober 2019

Beveiligingsbedrijf draait niet op voor tabaksroof

Groothandel Lekkerland huurt op een bedrijventerrein een kantoor met opslagloods voor haar producten. Lekkerland komt met een beveiligingsbedrijf ‘specifieke object procedures’ overeen waarin staat beschreven welke handelingen de vaste nachtwaker in welke gevallen zou verrichten ter beveiliging. Op maandag 13 juni 2016 is gebleken dat er 2 pallets sigaretten zijn gestolen. Schade: meer dan 100.000 euro. Teleurgesteld in de controle door de nachtwaker stapten Lekkerland en haar verzekeraars naar de rechter.

Groothandel Lekkerland Nederland B.V. huurt op een bedrijventerrein een kantoor met opslagloods voor haar producten. Hal F van deze loods is bij Lekkerland in gebruik voor de opslag van tabaksproducten. Deze producten bevinden zich in meerdere stellingen in de hal die een oppervlakte van 1.800 m² heeft. Het dak van de hal is elektronisch beveiligd middels tientallen zogeheten ‘pir’-sensoren. Op of omstreeks 30 november 2010 hebben Lekkerland en een beveiligingsbedrijf een overeenkomst gesloten. Op 30 november 2012 kwamen Lekkerland en het beveiligingsbedrijf ‘specifieke object procedures’ overeen waarin staat beschreven welke handelingen de vaste nachtwaker in welke gevallen zou verrichten ter beveiliging van de bedrijfslocatie van Lekkerland en de daarin opgeslagen goederen. In de nacht van 12 op 13 juni 2016 is twee of drie keer een dakpir boven hal F geactiveerd. Voor de nachtwaker van het beveiligingsbedrijf was niet kenbaar met welk deel van het dak de geactiveerde pir correspondeerde. Op maandag 13 juni 2016 is gebleken dat er 2 pallets van in totaal 3.000 sloffen sigaretten van de tweede stelling vanaf de toegangsdeur gezien, uit hal F in slechts enkele minuten zijn gestolen. Om de goederen te kunnen wegnemen hebben de inbrekers een gat van ongeveer 100 x 60 cm in het plafond van hal F gemaakt. Zij hebben de zich pal onder dat gat bevindende rookwaren, die 10 tot 15 meter hoog tot aan het plafond waren opgestapeld, weggenomen. Vermoedelijk hebben de inbrekers een nacht eerder de beveiligingscamera gesaboteerd door hem uit positie te draaien waardoor de inbrekers ongezien op het dak konden komen. Schade: meer dan EUR 100.000. Teleurgesteld in de controle door de nachtwaker van het beveiligingsbedrijf stapten Lekkerland en haar verzekeraars naar de rechter.

Het geschil

In de procedure bij de Rechtbank Oost-Brabant vorderen Lekkerland en haar verzekeraars hoofdelijke veroordeling van het beveiligingsbedrijf tot betaling van schadevergoeding. Zij voeren daartoe aan dat de vaste nachtwaker, althans het beveiligingsbedrijf, contractueel gehouden was om bij inbraak (alarm) controlehandelingen te verrichten. Gezien de professionele uitoefening van het zakelijk beveiligingsbedrijf moet het ervoor worden gehouden dat wanneer de nachtwaker de overeengekomen veiligheidsmaatregelen wel was nagekomen, met name het houden van een controleronde in de op het alarm gemarkeerde zone, te weten hal F, de dieven hun werk niet zouden hebben afgemaakt en de schade niet zou zijn opgetreden, aldus Lekkerland en haar verzekeraars. Het beveiligingsbedrijf betwist de vordering en stelt zich op het standpunt dat noch in de schriftelijke overeenkomst, noch in de schriftelijke ‘specifieke object procedures’ handelingen staan vermeld die in het bijzonder door de nachtwaker zouden moeten worden verricht bij het afgaan van het alarm. Daarnaast meent het beveiligingsbedrijf dat de schade ook zou zijn ontstaan als de nachtwaker zou hebben gehandeld op de wijze die Lekkerland voorstaat, namelijk het maken van een controleronde in hal F.

Vanwege de professionele wijze waarop de inbraak en de diefstal zijn uitgevoerd, gelooft de rechtbank niet dat de inbrekers zich hadden laten verjagen als de nachtwaker een controleronde had gemaakt in hal F en de dieven had opgemerkt. Volgens de rechtbank ontbreekt daarmee het causaal verband tussen de gestelde tekortkoming en de schade. De vordering van Lekkerland en haar verzekeraars wordt afgewezen.

Conclusie

In het civiele recht speelt regelmatig de vraag of geleden schade door een bepaalde gebeurtenis is veroorzaakt. Dit noemt men het causaal verband. Alleen schade die in zodanig verband staat met de gestelde tekortkoming dat de schade als gevolg daarvan kan worden toegerekend, komt voor vergoeding in aanmerking. Het is aan de eisende partij om aan te tonen dat de schade is ontstaan door een tekortkoming van de wederpartij. Lekkerland en haar verzekeraars zijn daar in deze procedure niet in geslaagd.

Producttips

Volg F-Facts

Word gratis lid en ontvang op dinsdag en donderdag het laatste facility nieuws in uw mailbox! Én als lid krijgt u ook toegang tot exclusieve online artikelen.

Word lid van F-Facts Facility Platform