Logo
  • Opinie
  • 3 maart 2020

‘The Workplace Experience Revolution’ deel 2: werken nieuwe werkomgevingen?

Waarom leveren sommige werkplekprojecten wel waarde op en andere helemaal niet? En op welke factoren kun je je het beste focussen voor toekomstige projecten. Het onderzoek The Workplace Experience Revolution geeft hier antwoord op.

We bevinden ons midden in een revolutie. Hierbij verlegt een aantal ‘elite’-merken de standaarden van de manier waarop wij (hun) producten en diensten ervaren. Het niveau dat wij van werkomgevingen verwachten gaat in het verlengde hiervan omhoog. Dit legt extra druk op de toch al moeilijk te verantwoorden investeringen in deze werkomgevingen. Deze studie, The Workplace Experience Revolution, speelt hierop in. Het doel: onderzoeken waarom sommige werkplekprojecten wel waarde opleveren en andere helemaal niet. Zodat degenen die verantwoordelijk zijn voor toekomstige projecten de juiste inzichten hebben om zich op de goede factoren te focussen.

Even terug in de tijd. In 2018 publiceerden we deel 1 van de Workplace Experience Revolution (gehouden onder 400.000+ respondenten) waarin we drie afzonderlijke componenten introduceerden, namelijk ‘doen’, ‘zien’ en ‘voelen’. Een hoge score op de combinatie van deze drie componenten betekende dat werknemers zich echt ondersteund voelden om hun werk optimaal te kunnen uitvoeren. Uit het onderzoek bleek dat de drie clusters het sterkst worden beïnvloed door dertien superdrivers verdeeld over drie factoren:

  1. activiteiten,
  2. fysieke werkomgeving,
  3. faciliteiten.

Tezamen vormen deze superdrivers de kern van hoe de werknemer zijn werkomgeving ervaart. De workplace experience.

Tot zover niets nieuws. Maar om de werkplekervaring te verbeteren, moet je wel op de juiste manier aan die knoppen draaien. Ook niet onbelangrijk: als je als organisatie op deze vlakken je zaakjes niet goed voor elkaar hebt, scoor je ondermaats en creëer je een werkomgeving die werknemers blokkeert in plaats van faciliteert. Dit tweede deel van de studie laat zien op welke zaken je het best kunt focussen – met uiteraard de kanttekening dat het per organisatie verschilt waar de prioriteiten liggen en op welke wijze zaken kunnen worden verbeterd.

Belangrijkste conclusies

In dit tweede deel van The Workplace Experience Revolution is op basis van een totale database van 3.932 werkomgevingen (met in totaal 557.959 respondenten) ingezoomd op de 346 werkomgevingen* die een verandering hebben ondergaan. De 5 belangrijkste conclusies:

  1. Een bemoedigend aantal projecten (81 procent) scoort hoger dan het gemiddelde. Bijvoorbeeld op het samenbrengen van mensen en het stimuleren van interactie. Wel doen ze het over het algemeen iets minder wat betreft de ondersteuning van gesprekken en concentratietaken. Ook niet onbelangrijk: 1 op de 5 projecten die een verandering heeft ondergaan scoort lager dan het gemiddelde.
  2. Vaste en flexibele werkplekken worden evenveel toegepast. Ook kunnen beide concepten zeker succesvol zijn. Dus de beslissing om volledig flexibel te zijn (‘zelfs de baas heeft geen eigen bureau meer’) of naar vaste werkplekken te gaan, is op zich geen voorbode voor succes of juist mislukking van het project.
  3. Medewerkers met minder complexe rollen (weinig verschillende werkzaamheden) profiteren minder van een nieuwe werkomgeving dan medewerkers met veel verschillende activiteiten. Dit wordt vooral verklaard door het feit dat nieuwe werkomgevingen vaak meer variëteit bieden, en dat is met name zinvol voor de laatste groep – die overigens slechts 38 procent van het medewerkersbestand beslaat.
  4. De data laten ook opnieuw zien (zie ook het Activity Based Working-onderzoek) dat nieuwe werkomgevingen het best werken voor medewerkers die veel van de geboden variëteit gebruikmaken – de zogenaamde kantoornomades. Hier bestaat echter wel het risico dat de groep die minder verschillende werkzaamheden heeft in deze rol wordt gedwongen, terwijl meer sedentair gedrag – zoals dat van ‘de kampeerder’ – beter bij hen past. De oplossing is het werkplekconcept af te stemmen op het activiteitenprofiel van verschillende persona’s.
  5. Als we kijken naar de werkzaamheden van de medewerkers die aanvinken tussen de 1 tot 10 activiteiten te ontplooien (68 procent), dan zijn dit onder andere individueel geconcentreerd werken, geplande vergaderingen en ontspannen en pauzeren. Deze activiteiten worden ondersteund door slechts twaalf elementen in de fysieke omgeving en faciliteiten. Voor veel organisaties is ook hier dus nog een behoorlijke winst te behalen.

Het volledige rapport is te downloaden op: www.leesmanindex.com/research

* Van de 3.932 werkomgevingen in onze database, werden er 533 door de medewerkers beoordeeld na afronding van een werkomgevingsveranderproject. Bij 346 daarvan gebeurde dat door meer dan 50 respondenten.

Producttips

Volg F-Facts

Word gratis lid en ontvang op dinsdag en donderdag het laatste facility nieuws in uw mailbox! Én als lid krijgt u ook toegang tot exclusieve online artikelen.

Word lid van F-Facts Facility Platform