Logo
  • Nieuws
  • 11 juli 2018
  • Bron: Klimaatakkoord.nl

Klimaatakkoord: dit zijn de gevolgen voor de gebouwde omgeving

Het Klimaatakkoord is een belangrijke stap dichterbij gekomen aldus het Klimaatberaad. Alle partijen die afgelopen maanden hebben meegewerkt, onderschrijven het Voorstel voor hoofdlijnen. Wat heeft de sectortafel Gebouwde omgeving opgeleverd?

Beeld Klimaatakkoord: dit zijn de gevolgen voor de gebouwde omgeving

Aan deze tafel ervoer tafelvoorzitter Diederik Samson veel bereidheid tot medewerking. De klus is groot – tot 2050 zo’n 7 miljoen huizen en 1 miljoen gebouwen isoleren en op andere manieren duurzamer maken – maar veel van de technologieën zijn bekend en de bedrijven staan klaar om aan de slag te gaan. De sector wil graag veel meer gebouwen verwarmen met geothermie: dat moet groeien van 3 PJ nu naar 50 PJ in 2030 en zelfs 200 PJ in 2050.

'We staan aan de vooravond van een grote verbouwing. De transformatie van onze 7 miljoen huizen en 1 miljoen gebouwen, veelal matig geïsoleerd en vrijwel allemaal verwarmd door aardgas, in goed geïsoleerde woningen en gebouwen, die we met duurzame energie verwarmen en waarin we schone elektriciteit gebruiken of zelfs zelf opwekken.' Zo valt te lezen in het voorstel van de sectortafel Gebouwde omgeving.

Nieuwe normering energieverbruik gaat uiterlijk 2021 in

De normering voor utiliteitsbouw wordt in lijn gebracht met de CO2-doelstellingen voor 2030 en 2050. Gebouw gebonden energieverbruik wordt genormeerd op basis van het energielabel. De onderliggende rekensystematiek wordt verbeterd waardoor deze beter het daadwerkelijke energieverbruik weergeeft. Het niet-gebouw gebonden energieverbruik wordt genormeerd binnen de Wet Milieubeheer. De komende tijd zal worden benut om data te verzamelen over het werkelijke energieverbruik van bedrijven, die als input dient voor de nieuwe normering, die uiterlijk 1-1-2021 in zal gaan.

Door een helder onderscheid te maken tussen gebouw gebonden en niet-gebouw gebonden energieverbruik is voor de eigenaar, gebruiker en handhaver duidelijk wie verantwoordelijk is voor de benodigde investering. Tussen huurder en eigenaar zijn er verschillende opties om nadere afspraken te maken om van een split naar een shared incentive te gaan. Dit soort afspraken wordt gestandaardiseerd en aangemoedigd.

Van het gas af

Woningen en gebouwen worden wijk voor wijk verduurzaamd. Dat kan bijvoorbeeld met warmtenetten, helemaal elektrisch, met warmtepompen of met duurzaam gas. Dit wordt lokaal maatwerk. De gemeentes maken daar plannen voor en doen dit in overleg met bewoners. Met een verschuiving in de energiebelasting wordt het gebruik van aardgas ontmoedigd en het gebruik van schone stroom aangemoedigd. 

De wettelijke verplichting om nieuwbouwwoningen en utiliteitsgebouwen (<40 m3/u)) aan te sluiten op het aardgasnet komt per 1 juli 2018 te vervallen. Veel plannen zitten echter al in de pijplijn. Partijen hebben daarom afspraken gemaakt om te zorgen dat ook de projecten in de pijplijn zoveel mogelijk aardgasvrij worden opgeleverd. De afspraken gaan in op 1 juli 2018 en lopen tot eind 2021. De partijen werken toe naar het aardgasvrij realiseren van 75 procent van de totale nieuwbouw in de periode van 1 juli 2018 tot eind 2021.

Met een nieuw soort lening, de gebouwgebonden financiering, wordt het voor huizenbezitters eenvoudiger om ook maatregelen te nemen. Isoleren moet zo’n 25 procent goedkoper worden. De woningbouwverenigingen krijgen een rol als startmotor. Zij bezitten veel huizen waardoor de verduurzaming grootschalig kan. Dan dalen de kosten en wordt het ook aantrekkelijk voor mensen met een koopwoning.

Producttips